Dynamiek tussen je personages

Levensechte personages kunnen zelfs het meest vergezochte fictieve verhaal aannemelijk maken, en om je personages overtuigend over te laten komen, dien je rekening te houden met hun onderlinge dynamiek.

Zo kan een autoritaire kantoorchef, die iedereen onder de tafel brult, niet plots een kamer binnenkomen met: ‘Sorry, heb je misschien heel even tijd voor me?’ Waarschijnlijker doet hij dit als volgt: ‘Mijn kantoor, nú!’, zonder op antwoord te wachten.

Dit betekent niet dat je al je personages als tweedimensionale stereotypes dient op te voeren. Zo kan bijvoorbeeld de dame die de koffie-automaat bijvult de enige zijn die de chef van repliek durft te dienen. Ze zou hem iets van repliek kunnen dien met: ‘Netjes op je beurt wachten jij’, waarna hij gedwee een stapje naar achter zet.

De dynamiek tussen je personages kun je het best naar voren laten komen door hun reacties. Als je hoofdpersonage tijdens een vergadering van diezelfde chef de wind van voren krijgt, kun je hem of haar laten reageren door iets te stotteren of stil te laten vallen en tegelijkertijd iets te denken (ook dat is reageren, voor de lezer) als: Zak, als dit niet je pappies bedrijf was, stond je nog altijd aan de bar van je sociëteit te brallen. Let er dan wel op dat hij of zij dit niet per ongeluk hardop zegt. Of juist wel, gooi die stok maar in het hoenderhok; goed voor de dynamiek. En belangrijker: hiermee kenschets je je personage als iemand die niet over zich heen laat lopen als de maat vol is.

Eén enkele opmerking, handeling of gedachte kan de dynamiek tussen je personages beter schetsen dan een alinea vol (langdradige) uitleg. Ook wat de dynamiek betreft geldt: show, don’t tell.