Waar in Engelstalige boeken cursief wordt gebruikt om woorden te benadrukken of om gedachten te verwoorden, mag je dit in het Nederlands gewoon rechtop – oftewel romein – laten. Woorden benadrukken doe je met een accentje – wát, hóéveel, néé – en gedachten hoeven niet cursief als ze gevolgd worden door ‘denkt ze/dacht hij’ et cetera.
Ook de notatie van dialogen verschilt tussen Engelstalige en Nederlandstalige titels. Zo leest een willekeurig citaat uit Don Winslows The Cartel:
“Nooo!” he screams. Then, “Mamaaa!”
Waar wij vóór een citaat een dubbelepunt noteren, staat hier een komma. In het Nederlands zou dit worden:
‘Nééé!’ schreeuwt hij. Dan: ‘Mamááá!’
Met, behalve de accenten (in plaats van cursief) en een dubbelepunt, nog een verschil: in Nederlandse literatuur gebruiken we énkele aanhalingstekens in plaats van dubbele.
Waar je in Engelse titels het lange kastlijntje tegenkomt, gebruiken we in het Nederlands het kortere gedachtestreepje, oftewel het halve kastlijntje of de en dash. Dus:
But he can’t—he believes he’s waging some kind of holy war.
wordt in het Nederlands:
Maar dat kan hij niet – hij is ervan overtuigd dat hij een soort heilige oorlog voert.
Let op de spaties voor en na het gedachtestreepje.
Het kastlijntje (de em dash) schijnt bovendien te verraden dat je gebruik hebt gemaakt van kunstmatige hulp bij het schrijven – wat mij een extra reden lijkt om altijd het correcte gedachtestreepje te gebruiken. Dit doe je door Ctrl en het minteken op je keypad in te drukken.